zaterdag 18 maart 2017

OPLICHTER

Na het douchen droogde ik me af, veegde wat stoom van de spiegel en bekeek mezelf. Volkomen normaal, zo zag ik eruit. Mijn gezicht, ondanks de onrustige, half doorwaakte nacht en angstige dromen, ontspannen. Zelfs alert en olijk, zo keek ik. Een beetje make-up maskeerde de wat vale blik door het slaaptekort.
Ik besloot de buitenkant te laten prevaleren  - 'dat is tenslotte wat mensen aan je zien, Venus, niemand kan mijn gedachten lezen ' -  maar onderwijl gingen die gedachten maar door en door. Een heel scenario had ik inmiddels bij elkaar gedacht en met lood in de schoenen ging ik na het ontbijt op stap. Voor mijn gevoel ging ik mijn ondergang tegemoet: ze zouden me gaan ontmaskeren zodadelijk. 'Okay', zei ik tegen mezelf, 'het moet toch maar een keertje gebeuren, meid. Eens moet het ervan komen. Iemand moet het toch een keer tegen me zeggen. Verman jezelf, Venus. Even doorbijten zo. Het gaat zoals het gaat, je overleeft het wel. Misschien ook wel zo goed, dat het nu een keertje over is, dat je teruggezet wordt in niveau, naar de plek waarop je werkelijk thuishoort. Tenminste tien stappen lager.
Zo ging ik er in, ondanks mezelf vrolijk converserend toen ik werd opgehaald, de rust zelve aan de gesprekstafel. Ik maakte goed contact, balanceerde netjes tussen professionele distantie en wat persoonlijker interactie.
Na het gesprek ging ik moe maar voldaan naar huis. Alles was als een zonnetje verlopen, ik had het uitmuntend gedaan. Zat echt op mijn goede praatstoel en merkte dat ik mijn gesprekspartners voor me in had genomen.
Niet lang daarna werd mijn indruk bevestigd, een belletje: 'Venus, we willen jou hebben, je bent aangenomen.' Ze moesten eens weten hoezeer ik vooraf leed aan het oplichterssyndroom, dacht ik toen ik de phone uit-klikte. En met het uitlikken van mijn phone verdween mijn angst. Ben benieuwd wanneer het weer de kop opsteekt.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen