woensdag 15 februari 2017

25

Elke ochtend, als ik de trap af kom, zie ik  haar zitten door het glas van de kamerdeur. Daar wacht ze op me. Reikhalzend kijkt ze naar me uit, zittend op haar wollige witten dekentje, dat dekentje dat ik speciaal voor haar kocht.
Ik open de kamerdeur en hopla,  daar is ze al, kopjes gevend tegen mijn voeten. Babbelend, miauwend, blij. Staartje 'up'. Alvast trippelend richting etensbakjes. Maar ik wil eerst even lekker kroelen met die ouwe. Ik masseer haar stramme ruggengraat, wrijf door haar nog prachtige grijs gestreepte pelsje. Dat vindt ze zo fijn dat ze zich even af laat houden van haar exercitie richting etensbakjes.
Nog voordat ik zelf ga ontbijten, verzorg ik mijn ouwe dibbes. Een klein beetje zacht voer, een schoteltje melk. Niet teveel, ze mag niet dik worden. Tevreden spinnend werkt ze haar maaltje weg. Daarna wil ze altijd heel eventjes naar buiten, want er moet gepoept en geplast worden. Hup, de kou in. Snel staat ze echter alweer voor de schuifpui en kijkt me indringend aan: 'Miauw! Snel, naar binnen graag.'
Gehoorzaam sta ik op en laat haar er weer in. Ik drink nog even 'n kop thee en daarna gaan we samen naar boven. Zij voor me uit, ze weet al precies wat er gaat gebeuren. Terwijl ik mijn badjas aan het haakje hang en m'n sloffen uitschop,  inspecteert zij de badkamervloer. Plasjes water van vorige badderbeurtjes lebbert ze gretig op. Ouwe poezenbeestjes hebben vaak dorst, namelijk. Ik draai de douche alvast aan en ze schiet de cabine in. Ze geniet eventjes van de vochtige warmte, maar als ik binnen stap, trippelt ze snel weer naar buiten en wacht voor de glazen deur tot ik klaar ben. Volgens mij geniet ze elke ochtend weer van de liedjes die ik sta te schallen. Ze blijft in elk geval braaf zitten luisteren.
Na het baddergebeuren kuiert ze met me mee, van kamer naar kamer. Ze kijkt toe hoe ik me aankleed, het bed opmaak, kleding opruim. Ik onderwijl houd hele verhalen tegen haar. Als al deze ritueeltjes achter de rug zijn, lopen we samen naar beneden. Ik ga koffie zetten. Snorro gaat alvast op haar dekentje liggen. Muziekje aan, kachel ietsje hoger, sfeertje bouwen. Dan slaapt ze zo'n beetje de hele dag, in de warme, zonnige huiskamer.
Dit jaar wordt ze 25, mensen, maar ze geniet nog zo van haar leventje, ik denk dat ze er nog wel een jaartje of wat aan vast plakt.

donderdag 9 februari 2017

ZEGELTJES

Ik heb reuze zin in weer een opdracht, ook voor het sociale aspect, zeg maar. Lekker weer onder de mensen, werken kan heel gezellig zijn. Maar het lukt nog niet zo. Na een paar vruchteloze pogingen raak ik helemaal een beetje down. Sipjes sjokte ik zojuist dan ook weer eens over de stoep richting het winkelcentrum, piekerend en wel. Mijn postzak-boodschappen-karretje rammelend achter me aan. 'Dit gaat 'm niet meer worden met deze oude dame. Niemand wil mij meer hebben. Ben tenslotte al vijf-en-vijftig, reuze-oud. Snap 't wel, wie wil er nu zo'n oude taart etc. etc. Dan maar bezuinigen...'
De Appie wordt vandaag dus niet rijk van me, ik zet alvast maar de tering naar de nering en doe uiterst sobere boodschapjes. Edoch, mijn gratis zegeltje neem ik vandaag weer glimlachend in ontvangst, want in zegeltjes sparen ben ik inmiddels een ster geworden, niet alleen bij de Appie, ook bij de andere supermarkten in het dorp spaar ik driftig mee.
'Nog drie', zeg ik tegen het meisje achter de kassa, 'dan is m'n boekje vol en kan  ik weer zo'n mooie VBK-pan kopen. Voor 'n prikkie'. In de hoop dat ze haar hand over haar hart haalt, net als de kassajuffrouw gisteren. Die stak mij wel vier extra zegeltjes toe. En tracteerde me op 'n vette knipoog. Forget it, geen succes vandaag. Deemoedig gooi ik de boerenkool en gehaktballen in m'n karretje en sjok weer huiswaarts.
Dan, als ik bijna thuis bent tringelt mijn phone in mijn jaszak. Aha, het bedrijf waar ik gisteren op gesprek ging. Was een erg leuk gesprek maar ja.... oud... 55... ze zullen wel niet... Tot mijn stomme verbazing blijkt het tegendeel. Ze willen me hebben!  Yes! Ze willen graag met mij verder. Nog wel een rondje 'praten met de bazen' begin volgende week,  maar dat blijkt een formaliteit. Whoot! Mijn hart maakt tien sprongetjes!  Enthousiast parkeer ik mijn karretje in de gang en app de man. 'Gedaan met de rust, vanaf volgende week weer aan de bak.'  Het zegelboekje leg ik op tafel. Okay, nog een paar dagen de tijd, ik mag wel opschieten anders zijn straks de pannetjes nog op!

vrijdag 3 februari 2017

ULLEVELLETJE

'Wat zit daar nu voor mijn rechterooghoek? Aan de binnenkant, naast mijn neus. Een vleeskleurig vlekje?' Met mijn vingers vergroot ik het beeld op het schermpje van mijn phone. En nog meer tot ik bijna alleen mijn oog en het vlekje in beeld heb. 'OMG! Dit is niet waaaaaaar! Dat is helemaal geen vlekje, dat is... dat is... dat is een overhangend ooglid!!'
Verstomd staar ik naar het beeld,  gedachten razen door mijn hoofd. Dan laat ik de phone voor wat het is en ren naar boven. Naar de badkamer. Daar houd ik mijn hoofd tot vlak voor de spiegel en draai en draai. Licht voluit. Fel wit-geel schijnsel nu op mijn hoofd, ik draai naar links, kantel, draai heel langzaam mijn hoofd naar rechts. Kantel terug. 'Nee, zo zie ik helemaal niks. Geen overhangend ullevelletje te zien.' Een test! Ogen even helemaal opengesperd en daarna met kracht dicht knijpen. En weer open en... oh la laaaa. Tja. Ja, beide oogleden reageren wat traag met liften. Als luxaflexgordijntjes die heel langzaam opgetrokken worden.
'Het is begonnen, Venus. Het. Is. Be-gonnen. Je oogleden gaan hangen. Vind je het gek. Familiekwaaltje tenslotte.'
Beneden gekomen zet ik een flinke bak troost en klik de PC aan. Even googlen dan maar op: ooglid, hangend, correctieve ingreep, kosten.

woensdag 25 januari 2017

DWERGJE

Hoe het voelt om klein te zijn? Ik bedoel, zo klein als ik, 1.67 m. Smurfientje tussen al die mensen van zo'n twee meter zoveel? Nou, zo voelt dat:
'Oh ja, nog even een pak kokosmelk. Eens kijken, waar stond dat ook alweer.... oh ja, hier.' Mijn blik gaat langs alle planken omhoog, hoger, hoogst. 'Ai, de kokosmelk staat achter op de bovenste plank en daar kan ik niet bij. Wat nu? Komaan, ik probeer het gewoon maar even.'  Als een ballerina balanceer ik op een been, mijn rechterbeen. De linker schalks gebogen met bungelende voet. Zo houd ik mezelf in evenwicht, wiebelig, dat wel want onderwijl grabbel ik tevergeefs naar de pakken kokosmelk helemaal achterop het schap. Zweet op mijn rug, een rooie kop. Trillend want verzuurd standbeen. 'Snotvergeme nogantoe!' Ik geef het op. Geen langbenig personeel in de buurt dat mij kan helpen. Op naar de man die wat verderop staat en die vind het niet zo nodig, die kokosmelk. 'Andere keer maar weer, he Venus. Er is ook nog amandelmelk in huis. Genoeg te drinken.' Deze kabouter voegt zich dan maar.
Thuisgekomen berg ik de boodschapjes netjes op. Niet te hoog natuurlijk, maar op die planken in de kast waar ik bij kan. Het wordt inmiddels gezellig schemerig. 'Tijd voor kaarsjes', denk ik. 'Lekker een kop thee, straks. Waar zijn de lucifers. Even zoeken.' En zoeken... en zoeken. Nergens te vinden. 'Man, waar liggen de lucifers?!' 'Ja, Lisa Kabouter, gewoon hier natuurlijk,' en hij pakt met het grootste gemak van de wereld het pakje lucifers van de rand van de afzuigkap. 'Die hoogte, man, alles wat daar staat, beste kerel, kan ik niet eens zien, laat staan dat ik weet wat er ligt. En dat ik erbij kan.' Een minachtend lachje valt mij ten deel.
Kaarsjes aan gestoken, thee opgedronken. Tijd om een lekker appeltaartje te bakken. Ik zoek in de pannenkast, want daar staat de springvorm altijd. Rommelderommel, pannen vallen er uit en zet ik er weer in. Die ... pannenkast ook. Anyway: geen springvorm te bekennen op het ronddraaiend plateau. 'Man, waar is de springvorm gebleven?' 'Tjeetje Venus, blijf je aan de gang?! Hier natuurlijk.' Met een elegant gebaar opent hij het kastdeurtje ver boven de ijskast, echt op twee meter hoogte en haalt daar de springvorm uit. 'Lieve schat! Hoe vaak moet ik nog zeggen dat je dagelijkse spullen niet op die hoogte moet opruimen. Daar kan deze mini echt niet bij! Hoe had ik die springvorm ooit moeten vinden zonder jouw hulp?' 'En een dankjewel kan er weer eens niet van af, dwergje!' Mopperend ga ik verder met het voorbereiden voor de appeltaart. Eigenlijk verdient 'ie het niet, die lange!

dinsdag 17 januari 2017

OPLICHTEN

Kwart voor acht, de phone gaat. Huh, alweer? Een half uurtje eerder, kwart over zeven, belde de man vanuit een bus ergens in de polder: 'Tjezus, echt balen Venus, stroomstoring in de stad en omgeving, dus geen trein dus verder met de bus. En nu al een half uur in de file. Schiet geen reet op. Echt balen.' 'Oei, sneu. Keep me posted man, succes daar! Ik ga weer lekker verder knorren.'
Dit keer belt het Grote Zweedse Woonwarenhuis. De bezorger meldt met onvervalst Rotterdamse tongval dat hij 'eg ovegj ongeveej tien minuutjes is, mevgjouw.' 'Wat! Zo! Oei, ik lig nog in mijn bed, ik ga er maar snel uit!' Razendsnel schiet ik in mijn kloffie van de dag ervoor, washand over mijn slaperige hoofd. Ik trek een borstel door mijn kuif - no make up, geen tijd voor - en kijk aan, daar stopt de grote transportwagen met piepende remmen voor mijn deur.
Als een tornado wervel ik door mijn gang die snotvergeme helemaal vol ligt met volgepropte zakken voor de Kringloop. Ouwe kleren, schoenen, tassen. Oud strijkijzer er bovenop. Ik pleur alles snel onder de trap. Voordeur open, ijskoude Noord-Oosten wind waait naar binnen.
Daar komen de mannen aan gestampt met enorme pakken in het karton onder hun arm. Een paar zware rollen in het plastic. 'Alles mag in de huiskamer, heren. We tillen het vanavond zelf wel naar boven.' Na pak nummer 15 zijn ze klaar. Bezorger 1 maakt 'Even gebjuik van het toilet, mevgjouw.' Bezorger 2 zet onderwijl de hele Bibelebontse berg in mijn huiskamer op de foto. 'He, zet je al die pakken op de foto, waarom is dat?' 'Is bewijs, mevrouw. Er zijn namelijk mensen die beweren dat we niet alles afleverden en daarna eisen dat ze die spullen alsnog bezorgd krijgen. Laatst nog iemand met een ijskast. Maar die had ik gelukkig op de foto gezet, dus dat feest ging niet door.' Hoofdschuddend laat ik de mannen uit. Acht uur in de morgen en wat een input alweer in mijn slaperige hoofd: stroomstoring waardoor de hele stad en omstreken inclusief NS en GVB plat liggen, okay, da's erg maar dat er mensen zijn die dat leuke Grote Zweedse Woonwarenhuis zo onbeschaamd oplichten.... ' Ik ga maar snel een bakje koffie zetten.

woensdag 11 januari 2017

VERMENGING

De zoon gaat naar Portugal, vertelt hij onder het eten. Even naar een vriend, even naar de zon.
We eten alvast met zijn tweetjes, want vader de man is laat vandaag.
'Lissabon, mooie stad joh, ben er ooit heel eventjes geweest, was wel vaak in Porto. Veel moois te zien, in Portugal. En te horen! De Fado.' Omdat hij niet direct weet wat dat is laat ik het horen. We luisteren aandachtig naar een paar nummers. Wat Fado nu precies fado maakt, vraagt hij. Waarin verschilt het van de Flamenco bijvoorbeeld? We luisteren even naar Flamenco. Bespreken wat er zo kenmerkend aan deze muziek is, zo op gehoor. En relateren het aan de volksaard. De Portugezen zo anders van natuur dan de Spanjaarden. De duende! Saudade. De invloed van volkeren uit Afrika, de Moren en uit India, de zigeuners. Ik laat ook nog muziek van Cabo Verde horen, heerlijke muziek waar ik dol op ben. Die mooie taal, het Portugees van daar, die vermenging met het Afrikaanse, dat wiegend ritmische. Melancholisch en swingend tegelijk. 'En Cuba', vraagt de zoon. 'Wat vind je van die muziek?' 'Prachtig', roep ik enthousiast uit en zoek Cubaanse muziek op. We luisteren weer aandachtig naar het ritme. De percussie. De taal. Hebben het over de mix van volken en culturen in Latin America. The Caribbean. Daarna draai ik een paar nummers van de Bahama Soul Club, waarin heel veel verweven is. Afrikaans, Latin, Caribbean, Tango en Jazz vast nog veel meer. Weer luisteren. Ik wieg op mijn stoel.
Vertel over mijn muziekles die middag, gitaarles. Belangrijke reden om gitaarles te volgen was dat ik - jarenlang 'eendimensionaal' blazer - eindelijk eens zou leren over al die accoorden. Vertel dat het ging over accoorden die 'schreeuwen om een oplossing.'  Accoorden die elkaar nodig hebben. 'Je hoort het zo: er moet nog iets komen, een volgend accoord dat het wringend gevoel oplost.'  We peinzen over de wetmatigheden die er bestaan in de muziek. Harmonieleer. Dat het haast mathematisch is en ik denk aan de prachtige geometrische patronen die ontstaan als je muziek hard afspeelt onder een blad waarop zand ligt. Afwisselend vormen zich sterren, cirkels, achthoeken...
Maar muziek is ook 'oer'. Elk mens hoort en voelt wat klopt in de muziek, daar hoef je die kennis niet voor te hebben, stellen we. Dat hitmakers precies weten waarvoor elk mens gevoelig is. Ik laat het horen. 'Because I'm happy.' 'Iedereen voelt zich okay bij dit liedje. Er zit zoveel in aan wetmatigheden. Hier, een bridge. Even een wijziging in ritme.' 'Precies' lacht de zoon 'anders voel je ergernis omdat het te lang hetzelfde blijft. Dat moet doorbroken worden, maar dan wil je weer terug naar hoe het was.' 'Yes! En ze doen het precies op dat juiste moment, die bridge inzetten. En hoor je, wat ze ook doen is dat ze er 'iconische'  geluiden invoegen. Van die dingetjes die iedereen wel in zijn muzikaal geheugen heeft zitten. Die backingvocals! Iets uit de seventies. Memphis-sound! En die harmonieen in de achtergrondzang, precies goed en....'
We raken aan de praat over DJ's, hoe die het publiek opzwepen door de ritmische muziek te stapelen totdat iedereen gek wordt van de spanning en dan: hop, bridge en dan weer opbouwen, stapelen net zolang totdat iedereen voelt dat er weer een ontlading moet komen. Erotisch. We kijken naar Youtube filmpjes.  'Zijn DJ's manipulators?' Vast wel', vinden we. 'Maar heerlijk toch, je zo te laten manipuleren?'
De man komt binnen en schept zijn eten op. Ook hij raakt bevangen en in no time buigen we ons over de harmonieleer. Weer dat mathematische. 'Staat allemaal gewoon in Wikipedia vandaag de dag', roept hij enthousiast. De zoon gaat naar boven. Zijn koffer pakken.

zondag 8 januari 2017

BEHANDELING

Helemaal een beetje opgewonden betreed ik de zaak en meld me bij de verkoopster. 'Ik heb een afspraak om half tien met de schoonheidsspecialiste!' 'Even kijken of ze er al is. Candy! Je klant is er!' Nieuwsgierig draai ik me om en zie Candy opstaan bij het schap met  maandverbanden. Ze trekt haar schortjurk glad. Ik schat haar niet ouder dan 19, nee, nou, zeg 20.  In elk geval een stuk jonger dan de mollig-rijpe schoonheidsspecialiste die hier gewoonlijk werkt maar er nu klaarblijkelijk niet is. Vakantie? Griepje misschien?
Als Candy vlak bij me staat, zie ik dat ze haar gladde jonge huid bedekt heeft met een laagje foundation. Gezicht en hals zijn beduidend bruiner dan haar handen. Ze laat me plaatsnemen op de in hoogte verstelbare stoel. Als ik al lig vraag ik me af of het wel de bedoeling is dat ik mijn jasje aanhoud. 'Nee, beter dat u die uit doet, ik ga u zo masseren.' Mijn shirtje moet ook uit en mijn halsketting mag af. Daarna neem ik weer plaats op de onderwijl flink opgewarmde stoel.  Of ik weet wat me te wachten staat. Braaf benoem ik de hele riedel,  inclusief het epileren van de wenkbrauwen. Epileren heb ik apart bijgeboekt. Best prijzig allemaal, vond ik, maar ik kreeg 'm cadeau van mijn liefje, deze schoonheidsbehandeling. Toen ik mijn enveloppe opende aan de kerst-dis, steeg een gejuich op uit mijn mond. 'Yes. Blij mee! Thanks man.' Drie dikke kussen.
Gaandeweg de behandeling vertelt Candy me dat ze gewoonlijk verkoopster in de winkel is, nee niet fulltime want ze zit ook nog op school. Op het Regiocollege naar blijkt. Schoonheidspecialiste is ze nog niet echt, ze moet haar diploma nog halen. Later, als ze groot is, wil ze thuis een salonnetje beginnen. Dan gaat ze er ook bij kappen, want die opleiding volgt ze ook nog. 'Uhm... ' denk ik, 'is ze nog niet eens gediplomeerd? En dan toch het volle bedrag rekenen? Wat raar, maar goed, ik mag een gegeven paard natuurlijk niet in de bek kijken.'
Na het stomen begint het plukken. Ai. Ai. Ai... tranen biggelen over mijn wangen. Maar ja, wie mooi wil zijn moet pijn lijden, denk ik dan maar.
Daarna een maskertje en terwijl dat opdroogt knik ik bevestigend op Candy's vraag of ze me mag optutten zo meteen. Blij als een kind gaat ze de winkel in, make upjes halen.
Na een kleine vijf kwartier is ze wel klaar, maar om het anderhalf uur vol te maken draalt ze nog eventjes. Kletst wat en geeft me een glas water. Daarna mag ik in de spiegel kijken en... schrik me wild! Opgezwollen ogen! Mijn oogleden zijn met donkergrijze oogschaduw besmeerd waardoor ze nog dikker lijken. Heb ook enorme wallen onder mijn ogen, vermoedelijk door het stomen en epileren! Mijn gezicht en hals zijn beduidend bruiner dan mijn handen! En dan mijn haar! Anderhalf uur achtereen werd het bedwongen door een strakke haarband, daarna in een klap losgelaten et voila: ik kan zo bij de film. De lachfilm wel te verstaan. 'Hoe vindt u het?' 'Uhm, nou, lekker opgefrist wel', jok ik, want hoe moeilijk vind ik het weer eens om kritiek te leveren. Mijn zwakke punt. 'Uhm, heb je misschien een kammetje ofzo? Mijn haar... uhm...' en ik haal driftig mijn handen door mijn coupe chaos.  Nee, heeft ze niet. Betekent dat ik zo de deur uitmoet, met opgezette ogen, een bruin masker en met Laurel & Hardy haar.
Bij de kassa vraag ik Candy mijn stempelkaartje bij te werken. Ik had nog een betaalbewijsje voor de behandeling en die moet omgezet worden in stempeltjes. Vindt ze leuk, zie ik, stempelen. 'Bijna twee spaarkaarten vol, nou nou, daar ga ik volgende keer iets leuks voor kopen.' 'Wilt u het bonnetje weer terug?' Even, heel even overweeg ik het kassa-bonnetje terug te stoppen in mijn knip. Kan ik er volgende week weer twee kaarten mee laten bestempelen. 'Nee hoor, houd maar', zeg ik netjes en vlucht over straat richting auto. Op naar huis! Op naar de badkamer!